De KOEKOEKSKLOK in het KLATSJLOKAAL:
Thuis kregen we een nieuwe klok en mijn vader zei “Kens ze dae auwe rotzooi niet mit numme nao dae kelder want dao zits ze meer es achter dien buiker”. Zo gezegd zo gedaan. De koekoeksklok werd toen meegenomen en kreeg een plaatsje naast de deur van het klatsjlokaal aan de binnenzijde. De klok liep aanvankelijk nog maar de koekoek haperde af en toe. Hij kwam niet meer op alle tijden naar buiten. Op een maandagavond hebben we de koekoek vervangen door een miniatuurfallus van papier en lijm. Er gingen een paar weken voorbij, wij waren gewend aan die onzin. Op een gegeven moment was het open dag en ik kan me nog herinneren dat Wim Leentjes, Wil Heuts en Wim Clerx met een delegatie die rond geleid werd in de kelder ook de “redactieruimte” kwamen bekijken. Wij zaten daar met enkele redactieleden quasie wat serieus te doen. Staat me daar een dame tussen die wat om zich heen kijkend plotseling de koekoeksklok ziet. Zeer geïnteresseerd kijkt ze naar het op een kier staande luikje , geeft met haar wijsvinger een minimaal duwtje en daar kwam die in vol ornaat naar buiten. We hebben ons bescheurd nadat het gezelschap de ruimte verlaten had. Je had die gezichten moeten zien. De eerstvolgende maandagavond moest de koekoeksklok worden aangepast.
Jos Haartmans